VNSG Magazine Maart 2015 - page 10

energieleverancier, standaard jaarverbruik, etc. Voor een correcte
registratie gebruikt Stedin twee systemen. In het Centraal
Aansluitingenregister (C-AR) worden de gegevens van alle
aansluitingen voor elektriciteit en gas in Nederland opgeslagen.
Het systeem wordt dus gebruikt door alle netbeheerders. Voor
de eigen administratie heeft Stedin een SAP ECC IS-U omgeving
(Industry Solution for Utilities). In beide systemen worden gegevens
over aansluitingen bijgehouden. Het is van belang dat de data in de
verschillende systemen identiek is. Hierbij is de data in C-AR leidend.”
Joost Zwijnenburg, senior datakwaliteit specialist, vult aan: “Er vinden
dagelijks veel mutaties plaats in het Centraal Aansluitingenregister:
mensen verhuizen, kiezen een nieuwe energieleverancier of
veranderen van contractvorm. Ondanks de automatisering van
gegevensuitwisselingsprocessen,
blijven
datakwaliteitscontroles
noodzakelijk om de data in beide systemen juist, volledig en
gesynchroniseerd te houden. Bijvoorbeeld, het standaardjaarverbruik
bepaalt in een aantal situaties het capaciteitstarief voor kleinverbruik
gas. Wanneer een wijziging in het capaciteitstarief niet in C-AR wordt
verwerkt, dan kan de klant een foutieve factuur ontvangen. Om die
reden is er Stedin veel aan gelegen om de datakwaliteit continu te
monitoren. Dit gebeurt door de data in beide systemen te vergelijken,
mismatches te identificeren en te corrigeren.”
Stedin gebruikte twee systemen voor rapportage en analyse; naast
een SAP Business Warehouse werd een andere oplossing gebruikt.
Vanuit kostenoogpunt heeft men besloten om uitsluitend SAP BW
te gaan gebruiken. Dat bracht wel de uitdaging met zich mee om de
validatie van de data in C-AR en IS-U ook te migreren naar SAP BW. Dit
bleek een lastige klus te zijn. Tot gaan» in beeld kwammet de door hen
ontwikkelde Data Verification Engine (DVE).
Gert van de Vreede, senior SAP BI consultant, legt uit: “De oplossing
is volledig in SAP Business Warehouse gebouwd. De kubus, queries
en dashboard zijn grotendeels gebaseerd op standaard SAP
functionaliteit. Ook het laden van de data gebeurt op de gebruikelijke
wijze met behulp van een flat file.” In welk opzicht wijkt het dan af van
een standaard SAP BW-implementatie? “Normaliter gaat business
intelligence over het genereren van rapportages. Deze oplossing gaat
verder doordat het ook vergelijkingen uitvoert tussen verschillende
datasets. SAP BW is heel geschikt omdat voor heel grote hoeveelheden
data te doen.”
Iedere nacht genereren zowel C-AR als SAP IS-U een mutatiebestand,
die vervolgens met elkaar worden vergeleken. De registervergelijking
wordt één keer per week opgeleverd. Daarmee kan men zien hoeveel
mismatches er op een bepaalde verificatiedatum zijn voor een aantal
relevante attributen. Dit vaste interval biedt de mogelijkheid de trend
te volgen om te zien of de data structureel beter wordt. Zwijnenburg:
“Wekelijks is er een overleg waarin we de vergelijking doorspreken,
prioriteiten stellen en afspreken wie welke mismatches oppakt.
Een belangrijke parameter voor de prioriteitstelling is het terugdringen
van netverlies.” Naast inzicht in de kwaliteit van zowel transactie- als
masterdata en het eenvoudig kunnen inzoomen op details bij een
mismatch, biedt de DVE door een overzichtelijk dashboard direct een
overzicht van de laadprocessen zelf.
Daarnaast, en dat is essentieel voor een audit trail, wordt belangrijke
informatie zoals de datakwaliteit bijgehouden. “Dit alles is heel
eenvoudiguitvoerbaar”, zo vervolgt Gert vandeVreede, “het intuïtieve
dashboard is ideaal in gebruik voor eerste lijn support medewerkers.”
Stedin is nog niet helemaal waar het wil zijn. “In eerste instantie was
het idee om alleen op mismatches een drill-down te kunnen doen,”
volgens Zwijnenburg, “maar uiteindelijk hebben we ervoor gekozen
om het totale register in de dataset op te nemen. Dat gaat uiteraard
om veel meer data, maar het heeft wel als gevolg dat gebruikers meer
en betere informatie uit de kubus kunnen halen.” Tramper vult aan:
“Verder hebben we de ambitie om naar een rapportage per dag te
gaan en willen we graagmeer attributenmeenemen in de vergelijking.
De grote uitdaging zal dan de performance van het systeem worden.
SAP HANA is al voorzichtig onderwerp van gesprek, omdat we merken
dat we tegen de grenzen van het systeem aanlopen. Investeren in deze
technologie vraagt echter om een goede business case, bij voorkeur
onderbouwd met meerdere toepassingen. Zo zou je ook kunnen
denken aan predictive maintenance als toepassingsgebied voor SAP
HANA.”
De energiemarkt is volop in beweging. De belangrijkste nieuwe
ontwikkeling is de slimme meter, een digitale, op afstand uitleesbare
energiemeter die klanten meer inzicht geeft in hun energieverbruik en
het daarom gemakkelijker maakt energie te besparen. De invoering
van deze meter startte in 2014 en moet voor 2020 zijn afgerond. Dit
zal een enorme impact hebben op de hoeveelheid data die wordt
gegenereerd en verwerkt.
“Data wordt echt een asset voor Stedin. We werken er naartoe dat
we niet langer alleen buiten assets hebben, zoals kabels en andere
onderdelen die de infrastructuur vormen. Maar ook binnen, in de vorm
van data” aldus Tramper. “Onze energiewereld zit in een transitie.
Vanuit een situatie waarbij iedereen voor zijn energievoorziening
gebonden is aan het netwerk, gaan we toe naar een situatie waarbij
mensenmeer vrijheid hebben omhun eigen communities in te richten.
Ze kunnen er dan bijvoorbeeld voor kiezen om gezamenlijk energie op
te wekken met zonnepanelen of windmolens. Dit verandert de rol van
de netwerkbeheerder. Uiteindelijk worden we steeds meer een data
broker.”
Van links naar rechts: Joost Zwijnenburg, Corné Tramper,
Gert van de Vreede
10
Magazine maart/15
1,2,3,4,5,6,7,8,9 11,12,13,14,15,16,17,18,19,20,...36
Powered by FlippingBook